Samentelregeling Successiewet 1956 niet meer voor broer en zus
Fiscale partners. Voor de belastingwet wordt als fiscale partner aangemerkt uw echtgenoot, uw geregistreerde partner of, als u ongehuwd bent, uw meerderjarig partner waarmee u een notarieel samenlevingscontract bent aangegaan en op hetzelfde adres staat ingeschreven.
Ongehuwde samenwoners
Schenk- en erfbelasting. Voor de schenk- en erfbelasting kunnen ook ongehuwde samenwoners als fiscale partners worden aangemerkt. Dit gaat zelfs zo ver dat thuiswonende meerderjarige kinderen op een bepaald moment automatisch als fiscale partners worden aangemerkt.
Voorwaarden. Zij worden als fiscale partners aangemerkt als zij aan de volgende cumulatieve voorwaarden voldoen:
- zij zijn beiden meerderjarig;
- zij zijn gedurende een onafgebroken periode van ten minste vijf jaar ingeschreven op hetzelfde adres;
- zij zijn geen bloedverwanten in de rechte lijn; en
- zij voldoen niet met een ander aan deze voorwaarden.
Thuiswonende meerderjarige kinderen
Ongewild en onbewust. Thuiswonende meerderjarige kinderen worden hierdoor ongewild en wellicht onbewust automatisch als partner aangemerkt op hun 23e jaar als zij vanaf hun 18e jaar thuis wonen. Dit kan tot ongewenste gevolgen leiden.
Eén verkrijging. Door dit partnerschap worden bijv. een broer en zus als één persoon aangemerkt voor de schenk- en erfbelasting. Als zij ieder afzonderlijk een schenking of erfenis verkrijgen van dezelfde persoon, wordt dit behandeld als één verkrijging. Door deze samentelling hebben zij ook maar één keer recht op de vrijstelling voor de schenk- of erfbelasting. Daarnaast wordt het tarief van de schenk- dan wel erfbelasting bepaald op basis van de totale waarde van deze verkrijging. Hierdoor wordt er eerder een hoge tariefschijf bereikt dan zonder samentelling.
Besluit van 13 april 2022
Goedkeuring. De uitwerking van het ‘automatische’ partnerschap dat ongewild en wellicht onbewust tussen een broer en zus (maar ook tussen neef en nicht) kan ontstaan, vindt de staatssecretaris ongewenst. Deze ‘samenwonende’ broer en zus worden namelijk nadeliger behandeld dan een broer en zus die niet ‘samenwonen’. Om deze reden heeft de staatssecretaris goedgekeurd dat partners die van dezelfde persoon een schenking dan wel erfenis verkrijgen, niet als één persoon worden aangemerkt als zij voldoen aan de volgende voorwaarden:
- het partnerschap is uitsluitend door tijdsverloop (vijf jaar onafgebroken samenwonen) ontstaan;
- de schenker of erflater staan ten opzichte van de verkrijgers in dezelfde graad van bloedverwantschap; en
- de verkrijgers zijn bloedverwanten van elkaar.
Terugwerkende kracht. Deze goedkeuring geldt vanaf 23 april 2022 en werkt vijf jaar terug, dus tot 23 april 2017. Tip. Heeft u in de tussenliggende periode al een definitieve aanslag ontvangen waarbij u achteraf gezien ten onrechte als één persoon bent aangemerkt en is de bezwaartermijn al verstreken, dan kunt u alsnog gebruikmaken van deze goedkeuring door een verzoek om ambtshalve vermindering in te dienen. Dit verzoek moet gedaan worden binnen vijf jaar na de verkrijging.