De terminologie van e-mail
Geavanceerde instellingen
E-mailapps proberen uw configuratie zo veel mogelijk automatisch in te stellen. Dat lukt goed bij adressen van bekende diensten, zoals Gmail, waarvoor de app de juiste instellingen kent. Maar als u een e-mailaccount van een minder bekende provider wilt toevoegen, moet u vaak zelf de geavanceerde configuratie invullen en komt u soms cryptische termen tegen. Dan is het handig als u zelf weet wat deze termen betekenen.
Account
Om een e-mailaccount in een e-mailapp toe te voegen, moet u eerst aangeven om welk soort account het gaat. De termen die u daar tegenkomt, hebben te maken met hoe de e-mailapp kan praten met de server waar uw berichten binnenkomen. U kunt de termen het beste begrijpen als u zich de e-mailserver voorstelt als een soort postkantoor. Dit zijn typisch de soorten accounts die u tegenkomt.
- POP staat voor Post Office Protocol . Bij zulke accounts heeft u een kleine postbus in het postkantoor (op de server). Uw eigen e-mailapp moet regelmatig langsgaan bij het kantoor om de nieuwe berichten op te halen en slaat de opgehaalde post op op uw computer of op uw mobiele toestel. Als berichten zijn opgehaald, zijn ze weg in het postkantoor en alleen te bekijken op het toestel en in de app waarmee u deze berichten heeft opgehaald.
- IMAP of Internet Messaging Access Protocol is een meer geavanceerd soort account, waarbij al uw e-mail in het postkantoor mag blijven. Sterker nog, ook de mapjes die u aanmaakt in uw e-mailapp worden in dat postkantoor gemaakt - zie het als afzonderlijke postvakjes. Uw e-mailapp maakt gewoonlijk wel een lokale kopie van uw e-mail, voor het geval het postkantoor niet bereikbaar zou zijn. Omdat uw e-mail en mappen in het postkantoor blijven, kunt u ze vanaf verschillende toestellen en in verschillende apps bekijken: u ziet overal dezelfde berichten en mappen.
- Exchange is het meest geavanceerde type account, oorspronkelijk ingevoerd door Microsoft. U kunt dit zien als een verfijnde versie van IMAP. Een speciaal voordeel van Exchange-accounts is Push . Dankzij Push komt de postbode aan uw app melden dat er nieuwe post voor u klaarligt, terwijl bij POP en IMAP de app zelf regelmatig bij het postkantoor moet langsgaan.
Servernamen
Bij de e-mailinstellingen gaat het ook over de namen van de e-mailservers. Daar ziet u de hiernavolgende termen.
Servernaam voor POP/IMAP/Exchange. De naam van de server waar uw account te vinden is en waar uw nieuwe e-mail binnenkomt. Dit is als het ware het adres van het postkantoor.
SMTP. Dit staat voor Simple Mail Transfer Protocol en slaat op de naam van de server die uw berichten naar de ontvanger kan sturen. U kunt dit zien als een postbus waar uw e-mailapp uw uitgaande brieven in stopt. Een postbode haalt ze daar op en de postdiensten zorgen ervoor dat ze bij de juiste ontvangers terechtkomen.
Poort. Dit staat zowel bij de servernaam als bij SMTP. U kunt dit zien als de toegangspoort waar uw e-mailapp moet aanbellen.
SSL/TLS/STARTTLS. Dit zijn manieren om de verbinding tussen de app en de servers te beveiligen.
Wat u voor deze velden moet invullen, komt u te weten bij de provider van uw e-mailaccount, meestal in de support- of helppagina’s (bijv. voor Gmail https://support.google.com/mail/answer/7126229 ).