BELASTINGEN - BELASTINGCONTROLE - 25.03.2010

Steekproef fiscus is niet heilig

De fiscus maakt bij horecacontroles regelmatig gebruik van steekproeven. Het bespaart hem immers tijd en kosten. Er gelden wel regels. U hoeft niet zomaar met de uitkomst van een steekproef akkoord te gaan. Waar moet u op letten?

Balletje aan het rollen gebracht. De fiscus maakt bij zijn horecacontroles regelmatig gebruik van steekproeven. Soms schrijft de regelgeving het gebruik van steekproeven zelfs voor. Het is nu eenmaal vaak ondoenlijk om alle gegevens aan een controle te onderwerpen. Bovendien kan een steekproef erop wijzen dat een diepgaand onderzoek wel of juist niet nodig is.

Rechter bakte geen zoete broodjes. Het gebruik van steekproeven door de fiscus is echter wel aan regels gebonden. Bovendien hoeft u met de uitkomst van een steekproef niet klakkeloos akkoord te gaan, aldus een uitspraak van de Rechtbank Breda (LJN: BK8339).

Wie liet hier een steekje vallen?

In de zaak die speelde, verstrekte een ondernemer onbelast pc’s aan zijn werknemers. In ruil voor belaste loonbestanddelen kon de werknemer een pc inclusief randapparatuur en software krijgen. De controleur had met behulp van twee steekproeven onderzocht of het personeel aan de fiscale voorwaarden had voldaan. Toen uit de steekproeven bleek dat dit niet het geval was, paste hij de uitkomst van de steekproeven toe op het voltallige personeel en legde overeenkomstig naheffingen plus boetes op.

Steekje los zeker! De ondernemer was het hiermee niet eens en stapte naar de rechter. Deze stelde om te beginnen dat de fiscus bij de controle van een groot personeelsbestand gebruik mag maken van steekproeven. De uitkomst mag echter pas worden toegepast op het hele personeelsbestand als de steekproef aan bepaalde kwaliteitseisen voldoet. Dat dit het geval is, dient de inspecteur te bewijzen. Zo moet in een steekproef rekening worden gehouden met de vraag of er sprake is van grote of kleine fouten (is er bijvoorbeeld 10% of 25% te veel betaald aan onkostenvergoeding?) en of het aantal gecontroleerde gevallen in relatie tot het totaal voldoende groot is. Een kleine steekproef levert nu eenmaal sneller afwijkingen ten opzichte van de werkelijkheid op.

Ik pik dat niet!

Als de steekproef aan de eisen voldoet, wil dit niet zeggen dat u zich erbij neer moet leggen. U kunt namelijk zelf ook een of meer steekproeven nemen en zo de steekproef van de inspecteur aanvechten. Vooral als u grotere of meerdere steekproeven neemt of wellicht zelfs alle discussiepunten in uw controle meeneemt, staat u sterk. De inspecteur mag hier dan niet aan voorbijgaan, tenzij hij weer aantoont dat uw steekproeven fouten bevatten.

Een voorbeeld

Factuurcontrole. Stel, de Belastingdienst controleert uw wijnfacturen (totaal € 50.000,-). Men neemt een kleine steekproef en beslist dat 20% van de inkoopfacturen niet in orde is. Er dreigen zodoende aanslagen over € 10.000,-.

Samen met uw adviseur zet u een betere steekproef op. U verdeelt de inkopen in bijvoorbeeld twintig brokken van € 2.500,-. Uit ieder brok kiest het controleprogramma van uw adviseur willekeurig een factuur. Die factuur wordt kritisch onderzocht. Stel nu dat één factuur voor 100% fout wordt beoordeeld en één factuur voor 50%. Alle andere onderzochte facturen zijn in orde. Dan kunt u als standpunt innemen dat de correcties beperkt moeten blijven tot 1,5 x € 2.500,- = € 3.750,-. Het is aan de inspecteur om dat te weerleggen.

Een steekproef moet voldoen aan bepaalde eisen. Is dit niet het geval of twijfelt u aan de uitkomst, neem dan zelf één of meer steekproeven of onderzoek desnoods het hele bestand om een naheffing aan te vechten.

Contactgegevens

Indicator BV | Schootense Dreef 31 | Postbus 794 | 5700 AT Helmond

Tel.: 0492 - 59 31 31 | Fax: 040 - 711 17 00

klantenservice@indicator.nl | www.indicator.nl

 

KvK-nummer: 17085336 | Btw-nummer: NL-803026468B01