Hoezo: te weinig vierkante meters vloeroppervlak?
Als u een aannemingsovereenkomst sluit, moet duidelijk zijn hoeveel vierkante meters vloeroppervlak u moet leveren. Wat is daarbij van belang? Wat heeft de rechter daarover gezegd en wat is goed om te weten?
Bouw van pand. Een opdrachtgever (projectontwikkelaar) had met een aannemer een overeenkomst gesloten voor de bouw van een kantoorpand. Het kantoorpand zou uit drie bouwlagen bestaan met een totale vloeroppervlakte van ongeveer 760 m2. De opdrachtgever wilde het pand voor een mooie prijs verhuren. Bij de oplevering ontstonden er echter problemen. De opdrachtgever weigerde om de laatste twee bouwtermijnen aan de aannemer te betalen. In totaal kwam dat neer op een bedrag van € 105.000,-.
Te weinig vierkante meters?
Schadepost. De opdrachtgever vond dat hij er op basis van de aannemingsovereenkomst op mocht vertrouwen dat hij zou kunnen beschikken over een kantooroppervlakte van 760 m2. Volgens hem had de aannemer hem echter te weinig vierkante meters geleverd. Natuurlijk wist hij ook wel dat het gedeelte van het bouwwerk dat als trappenhuis wordt gebruikt, niet als kantoorruimte kan worden benut. Als daarmee rekening wordt gehouden, kwam de opdrachtgever naar eigen zeggen nog altijd een vloeroppervlakte van 92 m2 tekort. Hij kon zo minder vierkante meters verhuren dan hij had begroot. En omdat de zakelijke verhuur van een kantoorpand nu eenmaal in vierkante meters wordt berekend, lijdt hij daardoor een schade van niet minder dan € 143.777,-.
Aansprakelijk? Voor die schade stelt hij de aannemer aansprakelijk. Deze eist echter directe uitbetaling van de laatste twee bouwtermijnen.
De rechter denkt er het zijne van. De rechter (Raad van Arbitrage, nr. 29.600) stelt allereerst vast dat in de diverse offertes die vóór het tekenen van de aannemingsovereenkomst door de aannemer waren opgesteld (en die door de aannemer zorgvuldig waren bewaard!), steeds sprake was van een totaal brutovloeroppervlak van 760m2. In de aannemingsovereenkomst als zodanig stonden geen aantallen vierkante meters vermeld, maar op de plattegronden die bij de aannemingsovereenkomst horen (en daarvan deel uitmaken!), stond met grote letters vermeld dat het om bruto vierkante meters gaat. De vorm en de maten van die plattegronden komen ook exact overeen met de bouwtekeningen die van maten zijn voorzien. En op die tekeningen stond duidelijk vermeld dat alle maten buitenwerks waren aangeven.
Het oordeel is duidelijk
Zitten slapen. De rechter is het niet eens met de opdrachtgever dat overeengekomen was dat de aannemer hem 760 m2 verhuurbaar vloeroppervlak had moeten leveren. Nergens blijkt uit de overeenkomst of uit alle daarbij behorende stukken (offertes, plattegronden en bouwtekeningen) dat de opdrachtgever erop mocht vertrouwen dat de aangegeven maten binnenwerkse maten waren. Integendeel zelfs! Het stond overduidelijk anders aangegeven, maar blijkbaar had de opdrachtgever bij het bestuderen van die stukken zitten slapen.
Betalen! De rechter besliste dus dat er van een tekortkoming van de kant van de aannemer totaal geen sprake was. Die had netjes aan al zijn verplichtingen voldaan. Hij veroordeelt de opdrachtgever dan ook om direct de laatste twee bouwtermijnen te betalen. En dat niet alleen: hij moet ook € 8.273,- aan proceskosten betalen én € 6.000,- aan de aannemer als tegemoetkoming in zijn rechtsbijstandskosten! Al met al dure vierkante meters dus!