Verleggingsregeling btw of toch factuur met btw?
Wat speelde er in de bouwpraktijk?
Minigraver. Deze vraag kwam aan de orde in een zaak voor Hof ’s-Hertogenbosch (ECLI:NL:GHSHE:2020:308) . Hierbij gaat het om een ondernemer (Yb) die een minigraver met bestuurder verhuurt aan klanten. Daarnaast neemt hij ook nog wel klussen aan, maar daarvoor huurt hij andere bedrijven in.
Plaatsen en afwerken van een aanbouw. Zo neemt hij in 2014 het plaatsen en afwerken van een aanbouw aan. De graafwerkzaamheden hiervoor kan hij natuurlijk zelf uitvoeren, maar voor de bouwwerkzaamheden huurt hij bedrijf Xander in. Dit bedrijf factureert aan de ondernemer welke vervolgens aan de klant factureert. Tot zover niets bijzonders.
Onjuiste btw-factuur?
Controle. Er ontstaat echter een fiscaal probleem op het moment dat de Belastingdienst eens goed gaat kijken naar deze facturen. Het blijkt namelijk dat bedrijf Xander een factuur met btw aan Yb heeft verzonden en dat is niet juist aangezien er sprake is van een werk van stoffelijke aard. Daardoor is bij onderaanneming toepassing van de verleggingsregeling verplicht. Concreet betekent dit dat bedrijf Xander zonder btw aan Yb had moeten factureren. Yb dient vervolgens de verschuldigde btw te voldoen, maar mag deze ook direct als voorbelasting verrekenen.
Draagt niets af. Op zich maakt de Belastingdienst van een dergelijke onjuiste factuur in de praktijk meestal niet zo’n probleem, mits alle partijen hun fiscale rekening voldoen. Maar daar gaat het mis. Bedrijf Xander draagt de in rekening gebrachte btw namelijk niet af en uit gegevens van de Belastingdienst blijkt dat dit bedrijf ook niet in staat is om dit in de toekomst wel te doen. Zodoende klopt de fiscus aan bij Yb.
Naheffing
De eerder door Yb als voorbelasting verrekende btw wordt zodoende nageheven. Dit recht heeft de fiscus, omdat de factuur van Xander aan Yb (met btw) onjuist was. Daardoor komt deze niet voor verrekening in aanmerking. Naheffing hiervan mag plaatsvinden bij Xander of Yb, maar aangezien bedrijf Xander niet in staat zal zijn de aanslag te voldoen, richt de fiscus zijn pijlen op Yb.
Vragen om nieuwe factuur
Mede omdat Yb onvoldoende zorgvuldig heeft gehandeld in deze (hij had moeten constateren dat de uitgereikte factuur onjuist was en om een nieuwe moeten vragen), blijft de naheffingsaanslag in stand. Zodoende draait Yb op voor de insolvabiliteit van bedrijf Xander. Het hof stelt de Belastingdienst hierover in het gelijk.
Bouwpraktijkbelang
Deze uitspraak maakt duidelijk dat het van groot belang is om de verleggingsregeling juist toe te passen. Ga dus niet akkoord met een factuur met btw wanneer de heffing eigenlijk naar u verlegd moet worden. Dit voorkomt latere problemen met de Belastingdienst, wanneer blijkt dat uw onderaannemer niet aan zijn fiscale verplichtingen heeft voldaan.
Download de checklist Wanneer en hoe btw verleggen? van http//tipsenadvies-bouw.nl/download (BW 23.06.07).