VOORRAAD - 27.11.2019

Voordat het balansen begint ...

Voor ieder bedrijf is dit jaarlijks niet het leukste werk, voorraadtellingen. Hoe kunt u dat nu opleuken, zodat u daar fiscaal voordeel van heeft? Bovendien heeft u dan weer overzicht en is alles op orde en klaar voor 2020. Lees verder!

Voorraadperikelen

Vaak vergeten ... Zoals u weet wordt onder voorraad verstaan het geheel van zaken die ter bewerking, verwerking of verkoop en derhalve als bestemd voor de omzet in uw bedrijf aanwezig zijn. Let op. Ook emballage en statiegeld behoren tot de voorraad, hetzij vol, aangebroken of leeg. Dit wordt nog wel eens vergeten!

Voorraadopname. De waardering van de voorraad heeft gevolgen voor de winst en dus ook voor de te betalen inkomstenbelasting of vennootschapsbelasting. De belastingwet bepaalt dat u uw winst moet berekenen volgens ‘goed koopmansgebruik’, dus dat u de waarde aan het einde van het boekjaar zo reëel mogelijk dient te verwerken op uw balans.

Hoe controleert u de voorraad? U controleert de voorraad door simpelweg de voorraad te tellen. Hiervoor kunt u gebruikmaken van een tellijst. Tip.  Het makkelijkst is het om de tellijst in te delen volgens de route waar u de voorraad heeft opgeslagen in uw onderneming. Heeft u op drie plekken dezelfde artikelen staan, dan noteert u dat zo op de tellijst. Dit gaat snel en zo maakt u minder fouten.

De rekentool ‘Voorraadtool 2019’ kunt u vinden via http://tipsenadvies-administrateur.nl/download (FM 03.08.02).

Wat met aangebroken voorraad? Indien de voorraad aangebroken is, tel dan wat er te tellen is en schat de rest, bijv. halfvol telt als één eenheid en minder dan de helft vol telt als geen voorraad. Let op. U dient hier wel consequent in te zijn!

Waarderingsperikelen

Er zijn verschillende methodes om de voorraad te waarderen:

  • waardering op kostprijs;
  • waardering op kostprijs of lagere (inkoop)marktwaarde (de meest gehanteerde methode van voorraadwaardering);
  • ijzeren voorraadstelsel, de voorraad wordt gewaardeerd tegen een ‘ijzeren’ prijs. Dit is een prijs die over een langere periode niet wordt aangepast;
  • lifo-stelsel (last in, first out);
  • fifo-stelsel (first in, first out).

Let op. Als u eenmaal voor een methode heeft gekozen, dan dient u deze methode de volgende jaren ook te gebruiken (de bestendige gedragslijn). U mag alleen van methode wisselen als ‘goed koopmansgebruik’ dit rechtvaardigt, dus niet als het u alleen te doen is om een eenmalig belastingvoordeel te behalen.

IJzeren voorraadstelsel. Indien u het ijzeren voorraadstelsel hanteert en de werkelijke voorraad (gemeten in goederen) is groter dan de ijzeren voorraad, dan dient het verschil gewaardeerd te worden tegen de historische aanschafprijs of lagere marktinkoopprijs, maar altijd tegen de laagste van deze twee prijzen. Is de werkelijke voorraad (gemeten in goederen) minder dan de ijzeren voorraad, waardeer dan het verschil op de actuele kostprijs.

Fifo-stelsel. Indien u het fifo-stelsel hanteert, waardeert u de voorraad tegen de kostprijs van de voorraad die het eerst verworven is.

Begin voorraad 200 € 0,75
Inkopen 200 € 0,85
Verkopen 160
Voorraad einde boekjaar 240
Waardering ((200 x € 0,75) + (40 x € 0,85)) / 240 € 0,77

Lifo-stelsel. Indien u het lifo-stelsel hanteert, waardeert u de voorraad tegen de kostprijs van de voorraad die het laatst verworven is.

Begin voorraad 200 € 0,75
Inkopen 200 € 0,85
Verkopen 160
Voorraad einde boekjaar 240
Waardering ((200x € 0,85) + (40 x € 0,75)) / 240 € 0,83

Kostprijs. De betekenis van de kostprijs verschilt voor goederen die uw onderneming niet bewerkt en goederen die binnen uw onderneming een bewerking ondergaan. Zo dienen goederen die u inkoopt, gewaardeerd te worden tegen de verkrijgingsprijs. Dat is de inkoopprijs en de bijkomende kosten, zoals transportkosten of invoerrechten. Goederen die u in uw eigen onderneming heeft voortgebracht, worden gewaardeerd tegen de vervaardigingsprijs. Dat zijn de aanschafkosten van de gebruikte grond- en hulpstoffen en de overige kosten die rechtstreeks aan de vervaardiging zijn toe te rekenen, zoals de overige productiekosten.

Voorbeeld.In november heeft u een partij goederen gekocht voor € 10.000. Op de balansdatum bedraagt de (inkoop)marktwaarde van deze goederen € 8.000. U zet de goederen voor € 10.000 op de balans.

Kostprijs of lagere marktwaarde? Indien u uw voorraden heeft gewaardeerd tegen kostprijzen en de inkoopprijzen van deze voorraden dalen, dan geeft dit een vertekend beeld. Uw voorraad staat dan tegen een hogere waarde op de balans dan de huidige kostprijzen. Als het vrijwel zeker is dat de voorraad een lagere waarde heeft, dan mag u voor dergelijke goederen een lagere waarde hanteren dan de kostprijs. Denk hierbij aan dalende prijzen op de inkoopmarkt of bij incourante voorraad.

Voorbeeld.In november heeft u een partij goederen gekocht voor € 10.000. Op de balansdatum bedraagt de (inkoop)marktwaarde van deze goederen € 8.000. U zet de goederen voor € 8.000 op de balans. U mag het verlies van € 2.000 ten laste van het resultaat brengen.

Let op. Bij een belangrijke en structurele daling van de marktwaarde op de inkoopmarkt bent u volgens goed koopmansgebruik verplicht om de desbetreffende goederen lager te waarderen. Dit geldt ook als u waardeert tegen kostprijzen.

Afwaarderen

Indien u de voorraad afwaardeert, dient u de waardedaling te kunnen onderbouwen. In de meeste gevallen kunt u al aan de hand van uw inkoopvoorraad en verkoopadministratie inzicht verkrijgen in de mate van incourantheid, bijv. omdat uit uw verkopen blijkt dat u voorraad onder de kostprijs heeft moeten verkopen. Ook indien uit uw verkopen blijkt dat u gedurende het jaar helemaal niets van een bepaald goed verkocht heeft, kan een aanwijzing zijn voor incourantheid.

Let op 1. U mag geen rekening houden met incourantheid die zich voordoet na de balansdatum. Let op 2. Zolang de voorraad opbrengstwaarde heeft, mag u de voorraad niet afwaarderen tot nul. Let op 3. Als u detaillist bent (textiel, schoenen, meubelen, stofferingen) en u kunt via uw inkoop-, verkoop- of voorraadadministratie de mate van incourantheid niet vaststellen, dan kunt u het systeem van de Belastingdienst hanteren (BLKB 2011/178M) .

Het besluit inzake afwaardering vanwege incourantheid kunt u vinden op http://tipsenadvies-administrateur.nl/download (FM 03.08.02).

Tip. Bewaar alles wat de afwaardering onderbouwt. Vraag desnoods uw leverancier om een bevestiging van de geldende inkoopprijs per einde boekjaar.

Voorraadverschillen. Voorraadverschillen tussen de werkelijke en administratieve voorraad kunnen ontstaan door verlies, diefstal, privéonttrekkingen die niet verwerkt zijn of foutieve boekingen in de administratie. Let op. Indien er sprake is van grote voorraadverschillen, is het belangrijk dat u dit goed uitzoekt en onderbouwt met onderliggende stukken. Is er sprake van diefstal, dan moet u dit onderbouwen met een aangifte bij de politie. Tip.  Door vaker een voorraadtelling te doen (bijv. ieder kwartaal) heeft u een beter zicht op uw voorraad en voorkomt u wellicht grote voorraadverschillen op het einde van het jaar.

Privéonttrekkingen? Ook goederen die u uit de voorraad heeft gehaald voor privégebruik, dient u te administreren. Deze goederen mogen namelijk niet in de kosten zitten. Ook de afgetrokken btw dient u terug te betalen.

Onderschat de fiscale gevolgen (winstcorrecties en eventuele boetes) van een foutieve voorraadvaststelling, waardering en afwaardering niet. Bent u detaillist, dan kunt u het afwaardeersysteem hanteren van de Belastingdienst als u dit niet uit uw eigen systeem kunt bepalen.

Contactgegevens

Indicator BV | Schootense Dreef 31 | Postbus 794 | 5700 AT Helmond

Tel.: 0492 - 59 31 31 | Fax: 040 - 711 17 00

klantenservice@indicator.nl | www.indicator.nl

 

KvK-nummer: 17085336 | Btw-nummer: NL-803026468B01