Zo valt er niet te praten ...
Op hoge toon ... John werkt als koerier bij koeriersbedrijf XPP. Op een moment ontstond er een discussie over de loonbetaling, waarbij John allerlei dreigementen uitte tegenover de directie van XPP. Daarnaast stuurde hij dreigende whatsappjes naar een collega en naar een medewerker van de leasemaatschappij. Zo dreigde hij onder andere dat hij de medewerker van de leasemaatschappij de neus zou breken. Na al deze bedreigingen vond de directie het genoeg en ontslaat John op staande voet.
Werknemer protesteert. John accepteert het ontslag niet en stapt naar de rechter. Hij vindt dat zijn bedreigingen geen reden kunnen zijn voor een ontslag op staande voet, omdat deze manier van communiceren volgens hem bij de bedrijfstak hoort. Kortom: er is volgens hem geen dringende reden, terwijl de wet dat wel vereist. Verder vindt hij dat XPP eerst met hem in gesprek had moeten gaan voordat deze mocht overgaan tot een verstrekkende maatregel als een ontslag op staande voet.
Wettelijke eisen. De wet stelt strenge eisen aan een ontslag op staande voet. Er moet een dringende reden zijn waardoor niet van de werkgever geëist kan worden dat hij de arbeidsovereenkomst laat voortbestaan en de werkgever mag er geen gras over laten groeien. Als er iets is gebeurd, mag de werkgever (kort) onderzoek doen, maar dan moet hij de werknemer direct ontslaan en hem meedelen wat de reden voor het ontslag is.
Waar ging het hier om? Een van de belangrijke discussiepunten was hier: was het gedrag van John voldoende reden voor een ontslag op staande voet en had XPP dit ontslag schriftelijke mogen geven zonder met John in gesprek te gaan?
Rechter is helder. In dit concrete geval vond Rechtbank Noord-Holland (ECLI:NL RBNHO:2018:9901) dat het ontslag rechtsgeldig is gegeven. De rechtbank vond de hoeveelheid whatsappjes en de gebruikte bewoordingen zodanig ernstig, dat dit een rechtsgeldige reden was voor een ontslag op staande voet. De rechtbank vond het ook begrijpelijk dat de werkgever geen hoor- en wederhoor toepaste, gezien de bedreigingen van de werknemer.