Aannemer aansprakelijk voor doorbuigende vloer
Ongebruikelijke vloer. Collega-aannemer Piet heeft met Harrie een overeenkomst gesloten voor de bouw van een woning. Door Piet wordt op de constructie 10 jaar garantie gegeven. De woning heeft een verdiepingsvloer met een eikenhouten balklaag met vloerplaten. De vloerbalken hebben een overspanning van 6,65 m.
Doorhangende balken
Vijf jaar na oplevering constateert Harrie dat de vloerbalken in ernstige mate doorhangen. In het midden van de vloer gaat het om een doorbuiging van 60 mm, waar een maximale doorbuiging van 16,6 mm is toegestaan. Een deskundige stelt vast dat de gehele eiken constructie tijdens de bouw niet goed gedroogd is geweest. Dat blijkt uit de droogscheuren die zijn te zien. Ook zijn er balken kromgetrokken en staan verbindingen deels open.
Raar ontwerp. Volgens Piet zijn de problemen ontstaan door het ongebruikelijke en afwijkende ontwerp van de vloer. De eikenhouten balken en de constructie zijn door de architect voorgeschreven. Daarvoor is Piet niet verantwoordelijk. Ook is er in onderling overleg met Harrie besloten om de vloer aan de bovenkant af te timmeren met vloerplaten. Daaruit blijkt dat Harrie op de hoogte was.
Niet onder de garantie. Ten slotte stelt Piet dat eventuele schade aan de vloer niet valt onder de garantie. Er is geen sprake van een ernstig gebrek, want hoewel de vloer wat doorhangt, staat het pand niet op instorten. De garantietermijn van 10 jaar is dus niet van toepassing.
Hout niet goed gedroogd. Uit bestudering van de bouwtekeningen blijkt dat het gaat om een kritisch ontwerp. Voor wat betreft de berekende sterkte en doorbuiging voldoet de verdiepingsvloer echter aan de toegestane normen. Van een ontwerpfout is er geen sprake. De problemen zijn ontstaan door het gebruik van beperkt ingedroogd hout. In combinatie met het risicovolle ontwerp van de vloer geeft dat extra belasting op de wanden. Piet moet weten dat het gebruik van goed ingedroogd hout van groot belang is. Het klopt dat de bouwtekeningen door de architect zijn opgesteld, maar hij heeft niet het gebruik van beperkt ingedroogd hout voorgeschreven.
Niet deskundig. Dat Harrie op de hoogte was van het risico van de vloer lijkt de rechter niet aannemelijk. Het mag dan wel zo zijn dat hij extra vloerplaten heeft laten aanbrengen, maar als consument zal hij niet begrijpen welke risico’s de toepassing van vers gezaagd hout met zich meebrengt. Nog daar gelaten dat het aanbrengen van extra vloerplaten weinig helpt tegen doorbuiging van eikenhouten balken.
Hoe oordeelt de bouwrechter?
Oordeel. Volgens de Raad van Arbitrage Amsterdam, 28.11.2017 (nr. 36.195) , is er een constructiefout die valt onder de garantietermijn van 10 jaar. Uit de garantiestelling blijkt immers niet dat Piet deze had willen beperken voor gevallen waarbij er sprake is van een ernstig gebrek. Dan had hij dat bij het geven van de garantietermijn kenbaar moeten maken. Piet moet alle kosten voor herstel betalen, plus € 13.492,- aan proceskosten.
Moraal van dit verhaal. Als u de garantietermijn voor de constructie wilt beperken tot ‘ernstige gebreken’, moet u daar de opdrachtgever uitdrukkelijk op wijzen. Laat hem ‘voor akkoord’ tekenen.