Deal met de bank voorkomt onzakelijkheid lening
Onzakelijke lening. Indien u als directeur-grootaandeelhouder (DGA) aan uw eigen BV een lening verstrekt, dan kunt u te maken krijgen met het leerstuk van de ‘onzakelijke’ lening. Als de lening namelijk onder zodanig gunstige voorwaarden is verstrekt dat een onafhankelijke derde dit nimmer zou hebben aanvaard, zelfs niet tegen een hogere rente, dan wordt de lening als onzakelijk bestempeld. Het fiscale gevolg hiervan is dat een afwaardering van deze lening ten laste van uw inkomen niet mogelijk is.
Onder welke omstandigheden? Tot op heden wordt bij de beoordeling van een lening vooral gekeken naar de voorwaarden waaronder de lening is verstrekt. Uit een recente uitspraak van de Rechtbank Noord-Nederland, 31.05.2016 (RBNNE:2016:2410) , blijkt echter dat ook moet worden gekeken naar de omstandigheden waaronder de lening is verstrekt.
Wat speelde er?
Achtergestelde lening. In deze zaak gaat het om een DGA die aan zijn BV een bedrag van € 182.000,- heeft uitgeleend. Er zijn geen zekerheden verstrekt en er is geen aflossingsschema overeengekomen. Bovendien is de lening achtergesteld op enkele andere financieringen, waaronder een banklening.
Geen afwaardering. Op het moment dat de BV slecht draait en de DGA zijn lening wil afwaarderen ten laste van zijn box 1-inkomen, staat de inspecteur dit niet toe. Hij is van mening dat de DGA een dermate groot debiteurenrisico heeft aanvaard, dat er sprake is van een onzakelijke lening. Een onafhankelijke derde zou in zijn ogen nimmer een dergelijke lening hebben willen verstrekken, zelfs niet tegen een hogere rente.
Uitspraak rechter
Packagedeal met de bank. De financiering door de DGA en de achterstelling van deze lening maken onderdeel uit van een zogenaamde ‘packagedeal’ met de bank. De bank is bereid een financiering van € 500.000,- te verstrekken aan de BV op voorwaarde dat de DGA zijn commitment toont door het verstrekken van de achtergestelde lening. Ook een andere aandeelhouder van de BV heeft tegelijkertijd eenzelfde lening verstrekt.
Niet onzakelijk. De rechtbank stelt dat het niet onzakelijk is een lening onder gunstige voorwaarden te verstrekken om zodoende ook een bancaire financiering te verkrijgen. Het is logisch dat de bank dit commitment vraagt en bovendien zijn de winstverwachtingen op het moment van het verstrekken van de lening gunstig. Dat de bedrijfsresultaten uiteindelijk anders uitpakken, doet volgens de rechter niet ter zake.
Commentaar
Vastleggen in considerans. Deze uitspraak maakt duidelijk dat een op het eerste gezicht onzakelijke lening toch zakelijk kan zijn als men alle omstandigheden in ogenschouw neemt. Het is dan ook raadzaam om op het moment dat u een lening verstrekt, duidelijk de omstandigheden vast te leggen die een rol spelen bij de totstandkoming. Laat bijvoorbeeld de bank schriftelijk vastleggen dat zij dit commitment eist. Daarmee staat u sterker in een mogelijke toekomstige discussie over de (on)zakelijkheid van de lening.