Schenkingen in het zicht van het overlijden
Erfbelasting en schenkbelasting
Erfbelasting. Bij overlijden moeten uw erfgenamen erfbelasting (successierechten) betalen over het geërfde vermogen. Iedere erfgenaam betaalt over zijn eigen verkrijging uit de nalatenschap erfbelasting. Alles komt in één keer bij uw erfgenamen terecht. Er zijn drie tariefgroepen met elk twee belastingschijven. Het tarief wordt hoger naarmate de verkrijging per erfgenaam hoger is. In elke tariefgroep geldt de eerste belastingschijf voor een verkrijging met een waarde tot € 118.708,- en de tweede belastingschijf voor een verkrijging boven een waarde van € 118.708,-.
Alleen als er meer dan het vrijgestelde bedrag wordt verkregen, is er erfbelasting verschuldigd.
Schenkbelasting. Als u schenkingen doet, kan er schenkbelasting (schenkingsrecht) verschuldigd zijn. Dezelfde tarieven en tariefgroepen die gelden voor de erfbelasting, worden ook gebruikt om te bepalen hoeveel schenkbelasting u moet betalen.
Bij de schenkbelasting kennen we jaarlijks vrijgestelde bedragen.
Schenking in het zicht van overlijden?
Waarde schenking bij erfdeel. Wanneer iemand te horen krijgt dat hij niet lang meer te leven heeft, zou het puur fiscaal aantrekkelijk kunnen zijn om kort vóór het overlijden een gedeelte van het vermogen te schenken. Zo zou gebruik kunnen worden gemaakt van de schenkingsvrijstelling, maar ook na overlijden van de vrijstelling voor de erfbelasting. Bovendien zou het vermogen overgeheveld kunnen worden tegen een lager tarief, omdat een groter gedeelte zou worden belast in de eerste belastingschijf. De totale verkrijging wordt als het ware in tweeën geknipt; over het geschonken bedrag moet schenkbelasting worden betaald en over het geërfde bedrag erfbelasting. Dit zou een financieel voordeel op kunnen leveren en dus staat in de Successiewet: “Schenkingen die gedaan zijn binnen een periode van 180 dagen vóór het overlijden, worden geacht krachtens erfrecht te zijn verkregen door degene die de schenking heeft ontvangen van degene die is overleden.”
Dit lijkt heel ingewikkeld, maar het komt er dus ‘gewoon’ op neer dat de waarde van de schenking wordt opgeteld bij het ontvangen erfdeel en daarover moet vervolgens erfbelasting worden betaald. Deze regeling geldt ook wanneer het overlijden op korte termijn helemaal niet was voorzien.
Belasting verrekenen. De betaalde schenkbelasting mag worden verrekend met de verschuldigde erfbelasting. Bij schenking van onroerend goed mag ook de bij de schenking betaalde overdrachtsbelasting worden verrekend.
Wanneer wel fiscaal voordeel?
Eenmalig vrijgestelde schenking. De regeling dat schenkingen die kort vóór het overlijden zijn gedaan, worden beschouwd als een erfrechtelijke verkrijging, geldt niet voor de eenmalig vrijgestelde schenking aan kinderen tussen de 18 en de 35 jaar. De eenmalige schenkingsvrijstelling blijft bij een schenking binnen 180 dagen vóór overlijden buiten schot. Dit kan zowel de ‘gewone’ eenmalige schenking zijn van € 24.144,- maar ook in plaats daarvan de eenmalige schenking van € 50.300,- voor de aankoop van onroerend goed of het volgen van een ongebruikelijk dure studie. Ook als de termijn van 180 dagen wordt volgemaakt, kan een schenking vóór het overlijden dus fiscaal voordeel opleveren en soms is het fiscaal raadzaam om een schenking niet uit te stellen.