Boze brieven naar patiënten
Samenwerking verbroken. Een tandarts stelde een ruimte beschikbaar aan een mondhygiëniste. Afgesproken was dat hij ook patiënten zou verwijzen. Achttien jaar later werd de tandartsenpraktijk aan een opvolger overgedragen en toen ging het mis met de samenwerking. Uiteindelijk zegde de mondhygiëniste de samenwerkingsovereenkomst op. Ze stuurde ca. 600 briefkaarten aan de door haar behandelde patiënten met onder meer de adressen van twee vrij gevestigde mondhygiënisten, plus de melding dat zij zelf in een andere plaats werkzaam bleef. De tandarts reageerde met een brief naar zijn patiënten.
De kantonrechter Zwolle (nr. 413772) besliste dat de tekst op de briefkaart van de mondhygiëniste onnodig grievend was. Met name de zinsnede “... dat ik mijn kwaliteiten als mondhygieniste niet langer kan waarborgen binnen de huidige situatie van de praktijk” kon niet door de beugel. De mondhygiëniste had geen bewijs geleverd inzake tekortschietende kwaliteit van de praktijk van de tandarts. Ze werd veroordeeld tot het vergoeden van de kosten van het verzenden van de brieven plus € 500,- wegens aantasting van eer en goede naam.