HET OVERKWAM UW COLLEGA - 20.02.2008

De algemene voorwaarden gaan soms niet op!

Bepalingen in algemene voorwaarden van een aannemingscontract kunnen soms zó onredelijk zijn, dat ze door de rechter ongeldig worden verklaard. Wanneer speelt dat? Waaraan te denken en wat is goed om te weten?

Contractsvrijheid. Als u een (aannemings)­overeenkomst sluit, bepaalt u met uw wederpartij wat in die overeenkomst staat. Anderen hebben er niets mee te maken. En dat geldt óók voor de algemene voorwaarden die bij uw overeenkomst horen. Dit is de ‘contractsvrijheid’.

Is het zwart of grijs?

Wat zegt de wet? In een aantal gevallen zegt de wet dat bepalingen in algemene voorwaarden die bij een overeenkomst horen, niet van toepassing zijn. Zo kent de wet een zogenoemde ‘zwarte lijst’. Daarin zijn bepalingen en bedingen opgesomd waarvan de wet zegt dat ze voor de wederpartij ‘onredelijk bezwarend’ zijn. De partij die gebruikmaakt van de algemene voorwaarden, mag dan volgens de wet op die bepalingen en bedingen geen beroep doen. Daarnaast kent de wet nog een ‘grijze lijst’. Daarin worden bepalingen en bedingen opgesomd waarvan vermoed wordt dat ze onredelijk zijn. De partij die gebruikmaakt van de algemene voorwaarden, zal dan moeten bewijzen dat die bepalingen niet onredelijk zijn. Lukt dat niet, dan zijn ze eveneens ongeldig.

Aannemers, architecten, leveranciers, enz. Maar de wet zegt óók dat alleen particulieren (consumenten) een beroep kunnen doen op de zwarte en de grijze lijst. Dat geldt dus niét voor wat wordt genoemd ‘professionele partijen’ (bijv.: aannemers, architecten of leveranciers).

Als een aannemer een overeenkomst sluit met een andere professionele partij (bijvoorbeeld een hoofdaannemer of een leverancier), die gebruikmaakt van voorwaarden die op de zwarte of grijze lijst staan, kan de aannemer daar weinig tegen doen. Want hij is immers geen particulier.

Het moet wél redelijk blijven! Maar gelukkig wordt de aannemer wél op een andere manier door de wet gesteund. Want de wet zegt óók dat algemene voorwaarden in alle gevallen ‘redelijk en billijk’ moeten zijn.

Dus als de aannemer denkt dat bepalingen in de algemene voorwaarden die door de wederpartij worden gebruikt, onredelijk zijn en voor hem bijzonder nadelig uitpakken, kan hij naar de rechter stappen om te vragen deze bepalingen niet van toepassing te laten verklaren.

Een voorbeeld uit de bouwpraktijk

Vertraging. Een hoofdaannemer had een aannemingsovereenkomst gesloten met een onderaannemer. Op de overeenkomst waren de algemene voorwaarden van de hoofdaannemer van toepassing. Hierin stond een bepaling dat de hoofdaannemer nooit aansprakelijk kon worden gesteld voor schade die het gevolg was van vertraging in de bouwwerkzaamheden, ongeacht de oorzaak. Nadat de bouw was vertraagd omdat de onderaannemer pas later met zijn werkzaamheden kon beginnen, werd hij door de hoofdaannemer aansprakelijk gesteld voor de schade. De onderaannemer was het daar echter niet mee eens. Want hij kon pas later beginnen omdat de werkzaamheden tot drie keer toe door de hoofdaannemer werden uitgesteld. De reden voor de vertraging lag dus niet bij hem maar bij de hoofdaannemer. Hij weigerde te betalen en dus stapte de hoofdaannemer naar de rechter.

Wat zei de rechter? Omdat de oorzaak voor de vertraging overduidelijk bij de hoofdaannemer lag, was het volgens de rechter niet redelijk om de schadelijke gevolgen daarvan voor rekening te laten komen van de onderaannemer.

Ondanks dat u handelt als ondernemer en niet als particulier, kunt u tóch naar de rechter stappen als u vindt dat algemene voorwaarden voor u bijzonder nadelig uitpakken. U zult dan wél moeten kunnen bewijzen dat deze voorwaarden onredelijk en onbillijk zijn.

Contactgegevens

Indicator BV | Schootense Dreef 31 | Postbus 794 | 5700 AT Helmond

Tel.: 0492 - 59 31 31 | Fax: 040 - 711 17 00

klantenservice@indicator.nl | www.indicator.nl

 

KvK-nummer: 17085336 | Btw-nummer: NL-803026468B01