Daar heb ik last van
Iedereen ondervindt wel eens last van zijn buren. Het is niet altijd te vermijden dat u hoort dat het pand van de buren gebruikt wordt. Da’s normaal ... Maar wanneer gaat het nu echt te ver? Wanneer is het onrechtmatig?
Wat is toegestaan?
Onrechtmatig. Volgens het Burgerlijk Wetboek mag u als eigenaar uw buren niet onrechtmatig hinderen.
Hinder. Het is goed om dus eerst even te kijken wat hinder is. De wet kent twee soorten hinder.
• Hinder door het uitzenden van bijv. herrie, trillingen, stank, rook of gassen. Denk daarbij ook aan bijv. het storen van de radio-ontvangst door het gebruik van elektrische apparaten.
• Hinder door het wegnemen van licht of lucht en door het ontnemen van steun.
Onrechtmatig. Hinder is één ding, maar de vraag is wanneer de hinder onrechtmatig is. Volgens de wet is hinder pas onrechtmatig wanneer:
• inbreuk wordt gemaakt op het recht van een ander;
• de hinder in strijd is met een wettelijke plicht;
• de hinder in strijd is met een zorgvuldigheidsnorm;
• er een verwijt moet kunnen worden gemaakt aan degene die de hinder veroorzaakt;
• de ander schade moet hebben geleden als gevolg van de hinder.
U wist toch dat hier herrie is ...
Wie was er het eerst? Het is verder belangrijk wie er eerst was, de klager of de activiteit die hinder veroorzaakt.
Wanneer de hinder er het eerst was, zal dit niet zo snel als onrechtmatig worden beschouwd.
De klager wist immers dat hij hinder kon ondervinden en hij zal dan een zekere mate van hinder moeten accepteren. Hij had er immers ook voor kunnen kiezen ergens anders te gaan wonen of werken.
Wil je er iets aan doen? Belangrijk is ook dat er redelijke maatregelen mogelijk zijn en of de veroorzaker bereid is deze maatregelen te nemen.
Ik word gek van die airco’s …
De praktijk. De buren van Klein hadden airco’s aan de buitenmuur geplaatst die geluid en warmte produceerden. Klein ondervond hinder en stapte naar de rechter in Leeuwarden (LJN: BB8514).
Hinderlijk. Klein vond de airco’s van de buren hinderlijk omdat zij hem beroofden van frisse, koele lucht. Ook kon hij zijn platdak minder goed gebruiken. Klein eiste dat zijn buurman de airco’s weg zou halen.
De rechtbank vond dat het geluid dat de airco’s maakten, niet zoveel overlast gaf dat er sprake was van hinder. De buren hadden er zelfs voor gezorgd dat de geluidsoverlast tot vrijwel nul was teruggebracht en dat het onderhoud aan de airco’s binnenshuis plaatsvond. Klein kon hier dan ook geen last van hebben.
De rechtbank vond wél dat de airco’s warme lucht verspreidden, maar dat daar niemand last had. De ruimte waar de airco’s stonden was namelijk onbewoond en niet in gebruik.
Je moet wel wát kunnen hebben
Daarnaast stelde de rechtbank dat buren wel het een en ander van elkaar moeten tolereren. Leven in elkaars nabijheid brengt immers met zich mee dat het onvermijdelijk is dat men af en toe last van elkaar heeft. Dat hoort nu eenmaal bij het normaal geluid dat de gemiddelde eigenaar maakt. Klein werd dus door de rechtbank in het ongelijk gesteld. Zijn vordering werd afgewezen.